Skip to main content

GC Spaarnwoudevoorzitter Peter de Lange verheugt zich op de activiteiten die voor de 45ste verjaardag van de club worden georganiseerd. “Het is echt zo’n feest waar we een grote stap maken naar het echte verenigingsgevoel.”

“Vóór ik 21 jaar geleden lid werd van Spaarnwoude, zat ik in het hockey. Daar heerst het verenigingsleven, daar vormen de leden samen de club, daar speel je in teams. Bij golf is het meer het individu dat speelt, in golf overheerst het ikke-ikke-ikke.Met corona is dat alleen maar erger geworden. Toen kon je helemaal niks samendoen, je moest na je rondje meteen inpakken en wegwezen. Nu, nu alles weer zo goed als normaal is, zien we dat we helemaal geen wachtlijsten meer hebben voor wedstrijden, we hebben een bezettingsgraad van zo’n 60% in de zomeravondcompetities en de weekendwedstrijden. Dat percentage moet weer omhoog.

Natuurlijk, er zijn nu alternatieven te over, andere sporten mogen ook weer volop. Maar we doen het goed, de mensen zijn nog een beetje voorzichtig. Dat komt wel weer goed.

Midden in deze overgangsperiode vieren wij ons feestje, ons 45-jarig bestaan. Dat doen we met mooie wedstrijden voor de duizend A-leden en – apart – voor de 1400 B- en C-leden. En dan komt er nog een clubweekend achteraan. Ja, augustus wordt een fijne maand voor de club.”

Twee klappen op de D-9

Peter de Lange gaat nu zijn derde jaar in als voorzitter van al golfclub Spaarnwoude en speelt een á twee keer per week zijn 18 holes. Met handicap 14.5 kan hij iedereen aan, zijn favoriete hole is D-9, de homecoming hole. “Daar in twee klappen naar de green, dat vind ik machtig!” Een hole-in-one heeft hij helaas nog nooit gescoord, zo blijft er altijd iets te wensen. “Het gaat goed met de club. Prachtig ledental, geoliede wedstrijden, financieel heel gezond met een prima buffer op de bank. Maar ik blijf toch even stilstaan bij dat verenigingsgevoel. Ik zou graag willen dat dat samen-gevoel wat verder ontwikkeld was. Een voorbeeld: als we een keer mot hebben in een commissie of wedstrijdorganisatie is er te snel een oordeel van ’zoek het maar uit, ik ben weg’. Terwijl ik graag zou zien, dat je dan over je schaduw heen stapt en het clubbelang boven je eigen mening stelt. Maar we gaan stapje voor stapje vooruit. Kijk nu bij de plannen voor het jubileum. Daar gaan de lage handicappers in een team rond Ron Engelmoer het hele clubweekend organiseren! We hebben vaak een flinke discussie over het hoe en wat op de woensdagnamiddag en dan toch samen de schouders eronder voor het jubileumfeest. Dat vind ik klasse, die kant moeten we op.”

Samen in een harnas

“Nee, geen Pro-Am bij dit 45-jarig bestaan. De vorige keer eindigden we flink in de min en zolang ik voorzitter ben, wil ik geen financiële debacles meemaken. Natuurlijk, een grote sponsor zou welkom zijn om nog veel meer mogelijk te maken, maar dat veroorzaakt in veel gevallen een belangenverstrengeling met de baan. Best lastig. Om als voorbeeld weer een businessclub voor sponsors en dergelijke in het leven te roepen, is om genoemde reden een helse klus. We hebben gelukkig een groeiende en dikwijls vruchtbare relatie met de golfbaan. Onder het motto, wij als club zijn blij met de baan en zij als eigenaar van de baan zijn blij met onze club moeten wij beiden, om tot constructieve afspraken te komen, elkaars verschillende belangen blijven respecteren. Wij willen, als voorbeeld, zoveel mogelijk spelen op de mooiste uren met onze 950-urenovereenkomst, zij willen zoveel mogelijk greenfees verkopen. Ik zie het zo: wij als vereniging moeten ons in een harnas, verwoord in een overeenkomst met de baan, bewegen. En door dit harnas, wij als grootverbruiker en zij als eigenaar van de baan, maakt het manoeuvreren daarmee soms lastig. De kunst is om in het belang van de club, in goed overleg, zwakke plekken in het harnas te creëren om met reële argumenten meer voor elkaar te krijgen dan het harnas toelaat.

Ik hoor van leden dat de liefde veel te vaak van één kant, de onze, moet komen. Dat zie ik niet zo zwart-wit. We zitten nu eenmaal in dat harnas en we kunnen in onze situatie niet vrij bewegen zonder de ander. Een cliché: “Het is zoals het is”, vooralsnog een jarenlang gegeven.

Op naar de 50

“We kijken natuurlijk ook al verder vooruit. In september krijgen we de wisseling op het secretariaat. Rob Hulsman gaat nu echt van zijn pensioen genieten, Paul Graaff staat paraat om hem op te volgen. En ik heb vernomen dat in januari a.s. gepland staat dat de eerste paal erin gaat voor het hotel (geen golf-hotel…) met alle veranderingen van dien. Net als elders in de bouwwereld zijn de kosten met een factor drie gestegen dus ik vraag me af of die datum echt wordt gehaald. Gelukkig wordt, wat ons aangaat, met ons overlegd. We zijn in gesprek over de locatie en het ontwerp van ons nieuwe “home”. Naast het vervaardigen van een beleidsplan/visie voor de komende 5 jaar, zie ik het zeker als taak in mijn tweede driejaarlijkse termijn om dit voor beide partijen tot een goed einde te begeleiden. Wat zou het mooi zijn als we bij ons 50-jarig bestaan een bloeiende club met een groot verenigingsgevoel hebben op een prachtige golfbaan waarmee we goed, liefst nog beter, kunnen samenwerken. En dan natuurlijk  in een representatief nieuwe huisvesting op de begane grond in een deel van het hotel.”

Peter de Lange
7 juli 2022